De vraag of een Ford-voertuig is uitgerust met een distributieriem of een distributieketting vormt een essentieel onderdeel van de technische kennis die elke eigenaar zou moeten bezitten. Deze cruciale motorcomponenten bepalen niet alleen de onderhoudskosten en -intervallen, maar ook de langetermijnbetrouwbaarheid van het voertuig. Met een geschiedenis die teruggaat tot de jaren zeventig, heeft Ford beide systemen toegepast in diverse motorconstructies, waarbij de keuze vaak werd bepaald door productiekosten, technologische ontwikkelingen en milieunormen. Het verschil tussen een distributieriem en een distributieketting gaat verder dan simpelweg materiaal; het beïnvloedt de gehele motorarchitectuur, het geluidsniveau en de totale eigendomskosten over de levensduur van je Ford. Voor potentiële kopers en huidige eigenaren is het begrijpen van dit onderscheid essentieel om verstandige onderhoudsbeslissingen te nemen en onverwachte motorschade te voorkomen.

Distributieriem versus distributieketting: technische verschillen in ford-motoren

De fundamentele rol van zowel de distributieriem als de distributieketting in Ford-motoren is identiek: ze synchroniseren de krukas met de nokkenassen om de juiste timing van kleppen en zuigers te waarborgen. Deze synchronisatie is absoluut kritisch voor de verbrandingscyclus. Bij Ford-motoren varieert de implementatie aanzienlijk tussen verschillende motorconstructies en generaties. De technische keuze tussen een riem of ketting heeft verstrekkende gevolgen voor het ontwerp van de volledige voorste motorbehuizing, het smeeroliesysteem en de toegankelijkheid voor onderhoudswerkzaamheden.

Werking van de distributieriem in ford benzine- en dieselmotoren

Een distributieriem in Ford-motoren bestaat uit versterkt rubber met hoogwaardige vezelversterkingen zoals glasvezel of Kevlar. Het riemontwerp bevat interne tanden die ingrijpen op tandwielen gemonteerd op de krukas en nokkenassen. Bij Ford-dieselmotoren zoals de Duratorq-serie drijft de riem vaak ook hulpcomponenten aan zoals de injectiepomp en de waterpomp, wat de complexiteit van het systeem vergroot. De riem loopt met een specifieke spanning, gereguleerd door automatische of handmatig verstelbare spanrollen, waarbij de correcte spanning cruciaal is voor betrouwbare werking. Moderne Ford-riemen kunnen temperaturen van -40°C tot +120°C weerstaan, hoewel langdurige blootstelling aan extreme temperaturen de levensduur verkort.

Constructie en levensduur van de distributieketting bij ford

Ford-distributiekettingen bestaan uit gehard staal met precisieverbindingen tussen de schakels, ontworpen voor een levenslange werking zonder vervanging. In de praktijk blijkt echter dat moderne, lichtere kettingconstructies gevoeliger zijn voor slijtage dan hun oudere tegenhangers. De ketting wordt continu gesmeerd door motorolie via spuiters of oliekanalen, wat betekent dat de olie-interval direct van invloed is op de kettinglevensduur. Ford gebruikt verschillende kettingconstructies: simplex (enkele rij), duplex (dubbele rij) en triplex (drievoudige rij), waarbij zwaardere motoren zoals de V8 in de Mustang een robuustere triplex-constructie krijgen. De kettingspanner, vaak hydraulisch aangedreven door motoroliedruk, compenseert automatisch voor minimale rek tijdens de levensduur van de motor.

Materiaalsamenstelling en slijtage-eigenschappen van beide aandrijfsystemen

Bij een distributieriem is de basis een rubbercompound met vezelversterking, terwijl de distributieketting volledig uit metaal bestaat. Rubber is gevoeliger voor veroudering door hitte, ozon en oliecontaminatie. Daarom zie je bij Ford-riemen na verloop van jaren micro­scheurtjes aan de buitenzijde, afgeronde tanden en soms rafelige randen. Kettingen daarentegen vertonen vooral rek door slijtage van de pennen en bussen in de schakels. Deze rek is vaak niet met het blote oog te zien, maar uit zich in een verstoorde kleptiming en een rammelend geluid bij koude start.

In natte distributieriemsystemen, zoals bij de 1.0 EcoBoost, speelt de chemische bestendigheid van het rubber tegen moderne motoroliën een cruciale rol. Onjuiste olie of te lange verversingsintervallen kunnen additieven in de olie activeren die het rubber aantasten, waardoor de riem sneller afbrokkelt. Bij kettingen is de olie vooral belangrijk als smeermiddel en koeling: verouderde olie zorgt voor lakafzettingen en sludge rond de ketting en spanners, wat de bewegingsvrijheid beperkt en de slijtage versnelt. In de praktijk betekent dit dat zowel voor riem- als kettingsystemen het juiste oliespecificatienummer (bij Ford vaak WSS-normen) essentieel is voor een lange levensduur.

Geluidskarakteristieken en vibraties tijdens motorbedrijf

Een distributieriem in een Ford-motor loopt vrijwel geruisloos, doordat het rubbermateriaal trillingen goed dempt. Dit is één van de redenen waarom Ford bij compacte benzinemotoren, zoals de 1.0 EcoBoost, lange tijd de voorkeur gaf aan een riem: het draagt bij aan een stillere cabine en een meer verfijnde rijervaring. Een metalen distributieketting genereert van nature meer mechanisch geluid en kan bij koude start een kortdurend ratelend geluid produceren, zeker als de hydraulische kettingspanner nog niet volledig op oliedruk staat. Dat is normaal, zolang het geluid na enkele seconden verdwijnt.

Bij toenemende slijtage veranderen de geluidskarakteristieken. Een versleten ketting kan gaan “zingen” of langdurig rammelen, vergelijkbaar met een versleten fietsketting onder spanning. Een riem daarentegen maakt vaak een fluitend of zoemend geluid als de spanning niet meer correct is of als een spanrollager slijtage vertoont. Extra vibraties worden vooral merkbaar bij hogere toerentallen, omdat elke afwijking in timing wordt uitvergroot. Hoor je dus nieuwe, onverklaarbare geluiden uit de distributiekant van de motor, dan is dat een belangrijk signaal om de distributie van je Ford te laten controleren.

Ford-modellen met distributieriem: EcoBoost, duratorq en zetec-motoren

Ford heeft in de afgelopen twee decennia een groot aantal motorfamilies ontwikkeld waarin een distributieriem wordt toegepast. De bekendste zijn de EcoBoost-benzinemotoren, de Duratorq-diesels en de oudere Zetec-motoren. Elk van deze motorseries heeft zijn eigen specifieke distributieconfiguratie en onderhoudsinterval. Wil je achterhalen of jouw Ford een distributieriem heeft, dan is het type aandrijving vaak direct gekoppeld aan het motortype en bouwjaar.

Een distributieriem wordt bij Ford meestal gekozen in combinatie met compacte, efficiënte motoren en daar waar gewichtsbesparing en geluidscomfort prioriteit hebben. Zo combineert Ford bij sommige motoren een riem voor de nokkenasaandrijving met een aparte riem of ketting voor de oliepomp. Dit hybride ontwerp vraagt om nauwkeurige kennis van het specifieke motortype, zodat je niet alleen weet dat er een riem in zit, maar ook waar en met welk vervangingsinterval deze is uitgevoerd.

Ford fiesta en focus met 1.0 EcoBoost distributieriem-configuratie

De 1.0 EcoBoost is waarschijnlijk de meest besproken Ford-motor van de afgelopen jaren. In de Fiesta en Focus van rond 2012–2018 is deze driecilinder uitgerust met een zogenaamde natte distributieriem die in de motorolie loopt. Dit systeem is ontworpen om wrijving te verminderen en het brandstofverbruik te verlagen. In deze configuratie drijft de riem de nokkenassen aan, terwijl in veel varianten ook de oliepomp via een aparte riem of ketting wordt aangestuurd. Het vervangingsinterval wordt door Ford doorgaans gespecificeerd op 10 jaar of 240.000 km, maar in de praktijk adviseren veel specialisten een kortere termijn, vooral bij intensief of stadsgebruik.

Bij de latere generatie 1.0 EcoBoost-motoren (circa vanaf modeljaar 2018) stapte Ford geleidelijk over op een distributieketting voor de nokkenasaandrijving, terwijl voor de oliepomp in sommige varianten nog altijd een natte riem wordt toegepast. Dit betekent dat niet elke Focus of Fiesta met een 1.0 EcoBoost hetzelfde systeem heeft. Twijfel je of jouw Fiesta of Focus een riem of ketting heeft, dan zijn bouwjaar en motorcode doorslaggevend. Een veel gehoorde aanbeveling bij de oudere natte-riem-modellen is om de olie jaarlijks of om de 15.000–20.000 km te verversen met exact de voorgeschreven specificatie, zodat de riem niet voortijdig degradeert.

Ford mondeo en S-Max met 2.0 TDCi duratorq-dieselmotor

Bij de grotere gezins- en zakenmodellen zoals de Ford Mondeo en S-Max is de 2.0 TDCi Duratorq-dieselmotor een veelvoorkomende krachtbron. In veel varianten van deze Duratorq-serie maakt Ford gebruik van een conventionele, droge distributieriem voor de nokkenasaandrijving. Afhankelijk van het specifieke bouwjaar en de motorcode drijft de riem ook de hogedruk-brandstofpomp en soms de waterpomp aan. Dit maakt de vervanging ingrijpender, omdat bij preventief onderhoud vaak ook de waterpomp wordt vernieuwd om dubbele arbeidskosten te voorkomen.

De door Ford opgegeven vervangingsintervallen voor de 2.0 TDCi Duratorq liggen meestal tussen de 160.000 en 200.000 km of elke 8 tot 10 jaar, afhankelijk van het land en de exacte uitvoering. In de praktijk raden diesel­specialisten vaak aan om eerder te vervangen, zeker bij veel korte ritten, slepen met een caravan of rijden met een zware belading. Een gebroken distributieriem in een 2.0 TDCi leidt vrijwel altijd tot ernstige motorschade, omdat deze motoren zogenaamde interference-motoren zijn waarbij de kleppen en zuigers elkaar kunnen raken als de timing wegvalt.

Klassieke ford ka en fusion met zetec rocam-blokken

In oudere en meer eenvoudige modellen zoals de eerste generatie Ford Ka en de Ford Fusion werden veelal Zetec en Zetec Rocam-benzinemotoren toegepast. Deze motoren staan bekend om hun relatief eenvoudige constructie met een droge distributieriem aan de voorzijde van het motorblok. Bij de meeste Zetec-varianten drijft de riem uitsluitend de nokkenas aan, terwijl hulpsystemen zoals de dynamo en aircocompressor via een aparte multiriem lopen. Hierdoor is de vervanging van de distributieriem vaak minder complex dan bij moderne, compact gebouwde turbomotoren.

De onderhoudsintervallen voor Zetec-motoren liggen doorgaans rond de 100.000–160.000 km of elke 8 tot 10 jaar, maar veel eigenaren kiezen ervoor om bij circa 10 jaar sowieso een vervanging uit te laten voeren, ongeacht de kilometerstand. Rubber veroudert namelijk ook als de auto weinig rijdt. Rijd je in een Ka of Fusion waarvan je niet zeker weet wanneer de distributieriem voor het laatst is vervangen? Dan is het vaak verstandiger om proactief te investeren in een nieuwe riemset dan het risico op motorschade te lopen, zeker omdat deze motoren doorgaans relatief goedkoop zijn in distributiewerk vergeleken met moderne turbomotoren.

Ford-modellen met distributieketting: EcoBlue, puma en moderne v6-configuraties

Naast motoren met distributieriem heeft Ford een groot aantal krachtbronnen ontwikkeld waarin een distributieketting wordt toegepast. Dit geldt met name voor de recente EcoBlue-diesels, diverse Duratec-benzinemotoren in SUV’s en hybrides, en de zwaardere V6- en V8-motoren. In theorie is een distributieketting onderhoudsvrij en gaat deze een motorleven mee. In de praktijk betekent dit: geen vast vervangingsinterval, maar wel alert blijven op signalen van slijtage of olieverwaarlozing.

Een kettingaandrijving vraagt om een stabiele oliedruk en schone olie om ketting, geleiders en spanners in topconditie te houden. Rijd je veel korte stukken of stel je oliewissels uit, dan neemt de kans op kettingproblemen aanzienlijk toe, ook bij Ford. Het voordeel is dat een ketting in veel gevallen al ruim van tevoren “waarschuwt” door bijzondere geluiden of foutcodes, terwijl een riem vaak zonder duidelijke voorafgaande symptomen kan breken.

Ford transit custom met 2.0 EcoBlue ketting-aandrijving

De Ford Transit Custom en andere bedrijfswagens met de 2.0 EcoBlue-dieselmotor maken gebruik van een distributieketting voor de nokkenasaandrijving. Deze motor is ontworpen met het oog op duurzaamheid bij hoge kilometrages, wat voor bedrijfswagens cruciaal is. De ketting bevindt zich aan de motorzijde die naar de cabine is gericht, wat de vervanging in het zeldzame geval van een defect relatief arbeidsintensief maakt. Dat is precies de reden waarom Ford inzet op een robuuste kettingconstructie met hoogwaardige geleiders en hydraulische spanners.

Hoewel Ford voor de 2.0 EcoBlue doorgaans geen vast vervangingsinterval voor de ketting voorschrijft, is periodiek onderhoud aan het oliesysteem essentieel. Bij veel stadsritten, stop-and-go verkeer of langdurig stationair draaien – typisch voor bestelwagens – is het verstandig om de olieverversingsfrequentie te verhogen ten opzichte van de fabrieksaanbeveling. Hoor je bij je Transit Custom een duidelijk ratelend geluid bij koude start dat niet direct wegtrekt, of registreert de motorregeleenheid foutcodes voor de nokkenaspositie, dan is het aan te raden om de ketting en spanners vroegtijdig te laten controleren.

Ford puma en kuga hybrid met duratec-kettingconstructie

In moderne crossovers als de Ford Puma en Ford Kuga (vooral in de Hybrid- en Mild-Hybrid-uitvoeringen) gebruikt Ford veelal Duratec-benzinemotoren met distributieketting. De keuze voor een ketting in deze hybrides heeft te maken met de specifieke belasting: de verbrandingsmotor start en stopt vaker door de samenwerking met het elektrische systeem, waardoor een robuuste en onderhoudsarme distributieaandrijving gewenst is. De kettingconstructie is geoptimaliseerd voor snelle oliedrukopbouw, zodat ook bij veelvuldige koude starts de spanner direct zijn werk kan doen.

Een interessante nuance is dat bij sommige hybrideconfiguraties de hoofddistributie via ketting verloopt, terwijl een secundaire riem de oliepomp of balansas aandrijft. Dit hybride ontwerp kan voor verwarring zorgen: je hebt dus zowel ketting- als riemelementen in de aandrijving. Ben je eigenaar van een Puma of Kuga Hybrid en vraag je je af wat er precies vervangen moet worden bij een grote onderhoudsbeurt? Dan is het raadzaam om de motorcode te laten opzoeken en in de Ford-service­documentatie te controleren of er aanvullende vervangingsintervallen gelden voor eventuele hulpriemelementen.

Ford mustang V8 en ranger 3.2 TDCi met duurzame kettingsystemen

Aan de andere kant van het spectrum vinden we de zwaardere Ford-motoren, zoals de V8 in de Mustang en de 3.2 TDCi-vijfcilinder in de Ford Ranger. Deze motoren zijn uitgerust met meer­rijige kettingsystemen (vaak duplex of zelfs triplex), ontworpen voor hoge belasting, veel koppel en langdurige bedrijfsuren. In deze configuraties worden vaak meerdere nokkenassen, balansas(sen) en soms ook tussenassen via één geïntegreerd kettingpakket aangedreven. De componenten zijn zwaar uitgevoerd, maar vragen ook om een stabiele oliehuishouding en regelmatige oliewissels.

Hoewel Ford ook hier geen standaard vervangingsinterval voor de distributieketting voorschrijft, kunnen hoge kilometrages, zware belasting (bijvoorbeeld offroad rijden, trekken van zware aanhangers) en onregelmatig onderhoud leiden tot versnelde slijtage van ketting, geleiders en spanners. Symptomen zoals een langdurig ratelende ketting bij koude start, slechter aanslaan of foutcodes voor de nokkenas- of krukassensor zijn duidelijke waarschuwingen. Laat je deze signalen onbehandeld, dan kan zelfs een robuuste kettingconstructie uiteindelijk falen, met alle gevolgen van dien voor de motor.

Onderhoudsintervallen en vervangingsschema’s voor ford distributieriemen

Omdat een distributieriem een slijtageonderdeel is, speelt het vervangingsinterval een centrale rol in de totale onderhoudsstrategie van je Ford. Anders dan bij een olie- of luchtfilter zijn de kilometrage en tijdsduur hier nauw gekoppeld aan het risico op catastrofale motorschade. De door Ford opgegeven intervallen zijn gebaseerd op een mix van laboratoriumtests, praktijkgegevens en veiligheidsmarges. Toch zien we in de praktijk dat rijstijl, klimaat en onderhoudsgeschiedenis een grote invloed hebben op de werkelijke levensduur van een distributieriem.

Het is daarom verstandig om de officiële Ford-onderhoudsschema’s te zien als een maximale grens, niet als een garantie. Rijd je veel korte ritten, in extreme temperaturen of trek je regelmatig een aanhanger of caravan, dan is een vervanging vóór het officiële interval vaak een verstandige investering. Je verschuift als het ware de kans op schade naar nul, in plaats van te speculeren op het uitrijden van het volledige fabrieksinterval.

Vervangingstermijnen volgens ford-servicebulletins per motortype

Ford publiceert per motortype en bouwjaar specifieke vervangingsintervallen in servicebulletins en onderhoudsboekjes. Zo wordt voor de 1.0 EcoBoost met natte riem vaak 10 jaar of 240.000 km genoemd, terwijl bij oudere Zetec-benzinemotoren veelal intervallen van 100.000–160.000 km gelden. Voor Duratorq-diesels variëren de intervallen per cilinderinhoud en belastingklasse, bijvoorbeeld rond de 160.000–200.000 km. Belangrijk om te weten: deze waarden zijn vaak afgestemd op gemiddelde gebruiksomstandigheden en kunnen per markt verschillen.

In diverse Europese landen zijn intervallen voor gevoelige motoren in de praktijk naar beneden bijgesteld na uitgebreid veldonderzoek. Hoewel dit niet altijd duidelijk in het instructieboekje wordt vermeld, vind je deze aanpassingen terug in technische servicebulletins waar Ford-dealers toegang toe hebben. Heb je bijvoorbeeld een oudere EcoBoost met natte distributieriem en wil je weten wat het actuele advies is? Dan loont het om specifiek naar de meest recente Ford-richtlijn te vragen in plaats van alleen op de oorspronkelijke handleiding te vertrouwen.

Preventieve inspectie van spanrollen, geleiderollen en waterpomp

Een distributieriem functioneert nooit op zichzelf; hij loopt over spanrollen, geleiderollen en vaak ook over de waterpomp. Bij een standaarddistributiewerkzaam­heid bij Ford wordt daarom vrijwel altijd een complete distributieset gemonteerd, inclusief rollen en meestal ook de waterpomp. De reden is simpel: als een lager in een spanrol vastloopt of de waterpomp blokkeert, kan dat evenveel schade veroorzaken als een gebroken riem. De meerprijs van nieuwe rollen en pomp valt doorgaans in het niet bij de extra arbeidskosten van een tweede demontage.

Een ervaren monteur zal tijdens onderhoud letten op speling in de spanrollen, lekkages aan de waterpomp en eventuele koelvloeistofsporen langs de distributiekap. Ook de spanning en loop van de riem worden beoordeeld; onregelmatige slijtagepatronen kunnen wijzen op een scheefstaande rol of pomp. Bij natte-riem-systemen is daarnaast de staat van de motorolie doorslaggevend: zichtbaar sludge of metaalslijpsel in de olie is een reden om de binnenzijde van de distributie te inspecteren, omdat vervuiling direct samenwerkt met de riem en spaninrichting.

Symptomen van distributieriem-slijtage: visuele controle en diagnose

Hoe herken je dat de distributieriem van je Ford mogelijk aan vervanging toe is, los van het officiële interval? Bij een droge riem is een visuele inspectie relatief goed mogelijk zodra de kunststof distributiekap is verwijderd. Waarschuwingssignalen zijn onder andere haarscheurtjes in de buitenlaag, ontbrekende of beschadigde tanden, rafelige randen en een glazige, uitgedroogde uitstraling van het rubber. Ook kleine oliesporen in de buurt van de riem zijn een rode vlag, omdat olie het rubber aantast en de kans op doorslaan of tandenverlies vergroot.

Bij natte distributieriemen is een visuele controle lastiger, omdat de riem zich in het motorcarter bevindt. Hier spelen indirecte symptomen een grotere rol: metaalslijpsel of rubberdeeltjes in het oliefilter, foutcodes gerelateerd aan de nokkenaspositie, vermogensverlies of onregelmatig stationair lopen. Sommige Ford-motoren kunnen bij versleten distributie ook moeilijk aanslaan of afwijkende inspuit- en ontstekingstiming vertonen. Merk je één of meerdere van deze symptomen op, dan is het verstandig om een specialist de riem en het hele distributiecircuit te laten beoordelen, ook als het officiële interval nog niet is bereikt.

Kostenanalyse distributieriem-vervanging bij ford-dealers versus onafhankelijke garages

De kosten voor het vervangen van de distributieriem bij een Ford lopen sterk uiteen, afhankelijk van motortype, model en waar je het werk laat uitvoeren. Bij een officiële Ford-dealer betaal je doorgaans een hoger uurloon, maar je krijgt wél gegarandeerd originele onderdelen en toegang tot de nieuwste technische servicebulletins. Dit is met name relevant bij gevoelige motoren (zoals sommige EcoBoost-varianten), waar de exacte specificatie van de riem en de montageprocedure van cruciaal belang zijn.

Een gespecialiseerde universele garage kan in veel gevallen een lagere totaalprijs aanbieden, zeker bij oudere modellen met eenvoudigere distributiesystemen. Hier wordt vaak gewerkt met kwaliteits­aftermarket-sets van gerenommeerde merken. De besparing kan enkele honderden euro’s bedragen. De keerzijde is dat je zelf goed moet controleren of de juiste onderdelen en oliespecificaties worden gebruikt en of de garage bekend is met jouw specifieke Ford-motor. Een praktische aanpak is om meerdere offertes op te vragen, waarbij je expliciet vraagt naar: type distributieset, vervanging van waterpomp, gebruikte olie en of er garantie op de werkzaamheden wordt gegeven.

Vin-nummer decodering en motorcode-identificatie bij ford-voertuigen

Wil je met zekerheid weten of jouw Ford een distributieriem of distributieketting heeft, dan is het VIN-nummer (Vehicle Identification Number) en de motorcode onmisbaar. Het VIN is een uniek 17-cijferig nummer dat je doorgaans vindt op de voorruit aan bestuurderszijde, op een plaatje in de deurstijl of in het kentekenbewijs. Aan de hand van dit nummer kan een Ford-dealer of specialist exact opzoeken welke motorvariant in jouw auto ligt, inclusief details over de distributieconfiguratie. Online VIN-decoders geven soms een globaal beeld, maar zijn niet altijd tot op motortype en revisiestand nauwkeurig.

De motorcode – bijvoorbeeld EBBA voor bepaalde 1.0 EcoBoost-varianten of DW10-afgeleiden voor Duratorq-diesels – is rechtstreeks gekoppeld aan het type distributie. Deze code is vaak ingeslagen op het motorblok of terug te vinden in de onderhoudsdocumenten. Met de motorcode kan een monteur in de Ford-servicedatabase opzoeken of jouw motor een riem, ketting of een combinatie daarvan heeft, en welke vervangingsintervallen en technische updates van toepassing zijn. Dit voorkomt dat men zich baseert op algemene informatie over “Fiesta 1.0” of “Mondeo 2.0 TDCi”, terwijl de feitelijke distributie per bouwjaar en motorgeneratie kan verschillen.

Motorschade-risico’s bij distributieriem- en kettingfalen in interference-motoren

Het grootste risico bij zowel distributieriem- als kettingproblemen in moderne Ford-motoren is dat het merendeel zogenaamde interference-motoren zijn. Dit betekent dat de zuigers en kleppen dezelfde ruimte in de cilinderkop delen, maar dankzij de correcte timing elkaar nooit raken. Valt de distributie echter weg doordat een riem breekt, tanden verspringen of een ketting overslaat, dan kunnen de kleppen in contact komen met de zuigers. Het gevolg: kromme kleppen, beschadigde zuigerkoppen en in ernstige gevallen zelfs een gebarsten cilinderkop of beschadigd lagerwerk.

Bij een gebroken distributieriem is de schade meestal acuut en duidelijk merkbaar: de motor slaat abrupt af, start niet meer en maakt bij pogingen tot starten een abnormaal licht en ongelijkmatig geluid. Bij kettingslijtage kan het proces sluipender zijn. Een ketting die enkele tanden overslaat door een versleten tandwiel of defecte spanner kan aanvankelijk slechts voor lichte looponregelmatigheid zorgen, maar bij verder gebruik alsnog leiden tot zware motorschade. In beide gevallen is preventief onderhoud – tijdige riemvervanging, strikte oliewissels en snelle diagnose bij vreemde geluiden – vele malen goedkoper dan een complete motorrevisie of -vervanging.

Vraag je je af of jouw Ford-motor tot de risicogroep behoort? Vrijwel alle moderne Ford-benzine- en dieselmotoren met hoge compressieverhouding en vierklepscilinderkop zijn interference-ontwerpen. Dat geldt dus voor de meeste EcoBoost-, Duratorq-, Duratec- en EcoBlue-motoren. Uitzonderingen vind je vooral bij oudere, laagbelaste motoren. Het is daarom verstandig om uit te gaan van het hoogst mogelijke risico en je onderhoud hierop af te stemmen. Door het juiste interval aan te houden, alert te zijn op geluiden en tijdig professioneel advies in te winnen, minimaliseer je de kans dat een distributieriem of ketting je Ford-motor fataal wordt.